Persoonsgebonden en positiegebonden machtsmiddelen

Macht: Het vermogen om het gedrag of het denken van anderen te beïnvloeden. In positieve zin kan dat op basis van deskundigheid. Iemand hoeft niet het gezag – een formele positie- te hebben om toch gedrag of denken te beïnvloeden.
Machtsmiddelen: Middelen waarmee je het gedrag van anderen kunt beïnvloeden.
Gezag: Gelegitimeerde macht.

Hieronder staat een beschrijving van postitie gebonden en persoons gebonden machtsmiddelen geplaatst. Het verschil is dat persoonsgebonden machtsmiddelen ook voor managers op het zelfde niveau kan gelden. Bij positiegebonden machtsmiddelen is er per definitie sprake van een functionele machtsverhouding, Het gaat dan om de positie die iemand of een institutie heeft en wordt dan gezag genoemd. Dus iemand kan wel gezag hebben, maar geen macht als diegene niet meer geloofwaardig is.

Positie gebonden machtsmiddelen

Als een leidinggevende invloed wil uitoefenen moet hij zich aansluiten bij de behoeften van de ondergeschikten. Dat kan zijn:

  • Goede relaties
  • Status
  • Geld
  • Zelfstandigheid
  • Uitdaging in het werk
  • Zekerheid

Leidinggevenden kunnen middelen gebruiken om het gedrag van ondergeschikten te beinvloeden. Dat kunnen zijn:

Economische middelen

  • Extra salaris, bonussen, betere financiele regelingen en betere materialen. Kan gebruikt worden om te belonen of te straffen.
  • Fysieke middelen
  • Mogelijkheid meer of minder mate te kunnen beslissen over werkplek, opstelling van machines, volgorde van activiteiten.

Informationele middelen

  • Informatie over dingen die anderen niet bezitten.

In machtsrelatie tussen partijen zijn de volgende kenmerken van belang:

  • Ongelijkheid
  • Mate waarin macht verdeeld is over partijen.
  • Intensiteit
  • Mate waarin de macht wordt toegepast.
  • Legitimiteit
  • De mate waarin partijen de macht die ze over elkaar hebben als juist of vanzelfsprekend accepteren.

Persoons gebonden machtsmiddelen

Vooral tussen leidinggevenden in dezelfde positie. Verschillen hebben dan te maken met persoonlijke vaardigheden, dus zijn persoonsgebonden machtsmiddelen.


Deskundigheid

  • Kennis en ervaring. Nieuwe chef zal door optreden eerst aan zijn ondergeschikten moeten bewijzen dat hij de job aankan.

Relationele middelen

  • Vermogen goede relaties te onderhouden en prettige werksfeer te scheppen.
  • Leidinggevende moet onderlinge problemen of conflicten opheffen en mensen het idee geven dat ze waardevol zijn. Persoonlijke attractiviteit of charisma is hier belangrijk voor.

Netwerk en coalitie

  • Positie en persoonlijke eigenschappen zijn ook belangrijk. Door formele en informele contacten kan de leidinggevende met de juiste personen allerlei zaken voor elkaar krijgen.
  • Coalitie is een afspraak tussen mensen bij het nemen van besluiten te ondersteunen. Chefs kunnen bijvoorbeeld afspreken dezelfde prijzen te rekenen voor dingen.
  • Het scheppen van een netwerk heeft dus de volgende voordelen:
    • Uitwisseling van informatie
    • Uitwisseling van middelen
    • Uitwisseling van steun

Zie ook: http://www.carrieretijger.nl/functioneren/professionele-vaardigheden/macht

Bron: https://nl.wiktionary.org/wiki/machtsmiddel

Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Macht_(politiek)

Bron: https://www.betekenis-definitie.nl/Machtsmiddelen

Reacties zijn gesloten.